Editie Maand 11 | 2017 11
Home > Editie 11 > Smart Industry biedt volop kansen
Later lezen of doorsturen

Producten op maat maken tegen lagere kosten met een hogere kwaliteit; dat wil iedereen. Uit cijfers blijkt dat de voedingsindustrie fors investeert in de technologieën die dat mogelijk maken, zoals big data processing, blockchain, het Internet of Things, adaptieve robots en 3D printing.  

Half oktober verscheen het jaarlijkse robotrapport van de International Federation of Robotics (IFR), met cijfers over 2016. Bedrijven in de Nederlandse industrie schaften vorig jaar 1.778 nieuwe robots aan. Dat is 20% meer dan een jaar eerder en het hoogste aantal ooit! De IFR schat dat er nu ruim 11.000 robots op Nederlandse fabrieksvloeren staan, bijna een verdubbeling in tien jaar tijd. Die snelle stijging komt vooral door de voedingsindustrie. Vorig jaar gingen er 429 nieuwe robots aan het werk. Een jaar eerder was dat nog minder dan de helft. Het aantal nieuwe robots in de voedingsindustrie was zelfs groter dan dat in de automotivesector, tot 2016 nog de grootste afnemer van robots.

Slimme fabrieken

Industrie 4.0 - het koppelen van de real-life fabriek met virtuele realiteit - speelt een steeds belangrijker rol in de wereldwijde productie. Robotfabrikanten ontwikkelen en commercialiseren nieuwe servicemodellen: deze zijn gebaseerd op real-time data, verzameld door sensoren die aan robots zijn gekoppeld. Analisten voorspellen een snel groeiende markt voor cloud robotics waarin gegevens van een robot worden vergeleken met gegevens van andere robots op dezelfde of andere locaties. In het cloudnetwerk kunnen de aangesloten robots dezelfde activiteiten uitvoeren. De techniek wordt gebruikt om parameters van de robot te optimaliseren, zoals snelheid, hoek of kracht. Uiteindelijk, zo voorspellen de analisten, zal big data in de productie de grenzen tussen machinemakers en fabrikanten gaan herdefiniëren.

Normeringen

Het is duidelijk: robots zijn niet meer weg te denken uit het bedrijfsleven en spelen in Industrie 4.0 een hoofdrol om bedrijven concurrerend te laten zijn. Nederland wordt internationaal erkend als een belangrijke speler op het gebied van Robotica en Smart Industry, stelt ook het NEN. Maar om deze technologieën goed in te kunnen zetten, bijvoorbeeld met betrekking tot veiligheid en technische integratie, zijn er standaarden nodig. Daarom wordt er momenteel hard gewerkt aan het ontwikkelen van normen die in overeenstemming zijn met de eisen van de opkomende markten en moderne robotica-technologieën. Bestaande standaarden moeten worden aangepast, en in sommige gevallen zijn nieuwe standaarden nodig. Om de actualiteit aan te geven: op dinsdag 24 oktober 2017 organiseerde NEN in Den Haag in samenwerking met het Ministerie van Economische zaken, een themabijeenkomst over de rol van robotisering voor Smart Industry en veiligheid in de mens-robot interactie. Vragen die spelen zijn: Wanneer vinden we een robot veilig? Hoe kan worden voorkomen dat een machine iemand verwond? En als het toch gebeurt: wie is er verantwoordelijk? Normen over de veiligheid moeten ervoor gaan zorgen dat robots op de werkvloer geen bedreiging vormen.

Robotisering en werkgelegenheid

Een andere prangende vraag die veel mensen bezighoudt is: gaan robots onze banen overnemen? Mark Menting is managing director en medeoprichter van Smart Robotics, een uitzendbureau voor robots. Belangrijke afnemers zijn de voedingsindustrie, logistieke en e-commerce-ondernemingen; food én non-food bedrijven die met name aan de retail leveren. “De praktijk leert dat robots het werk van veel mensen aangenamer en lichter kan maken,” ziet Menting. “want het is met name repeterend en zware arbeid die in productieprocessen wordt overgenomen door robots. Een productiemedewerker die elke minuut 10 dozen op een pallet moet stapelen, maakt steeds dezelfde beweging. Dat is fysiek erg belastend, zeker voor oudere werknemers. Dan is een robot een uitkomst.” Bang dat er door de robots minder werk zal zijn, is hij niet. “Je hoort vaak dat medewerkers moeten kunnen programmeren, dat er straks vooral voor hoger opgeleiden werk is. Daar ben ik het niet mee eens. Wel zien we de focus verschuiven: mensen krijgen meer controlerende taken, naar meer toezicht op de kwaliteit van processen. Zo kunnen ze op tijd ingrijpen en storingen reduceren.”

Smart Robotics werkt met kleine, compacte robots, vooral palletizers. “Ze zijn niet complex, er zijn geen grote investeringen vereist. Ook niet-technisch opgeleide medewerkers kunnen ermee  werken: de robotarm moet enkele standaardgegevens krijgen, zoals lengte, breedte en hoogte van de dozen, het gewicht en de stapelhoogte. Dan kan hij al aan de slag. Omdat hij neergezet kan worden zonder hekwerk eromheen, is hij heel flexibel in te zetten.” Vooralsnog staan de robots van het uitzendbureau in de voedingsindustrie vooral in het eindproces. “Wat we zien is dat de variatie in de winkelschappen steeds groter wordt. Series worden kleiner. Gedreven door de consumentenvraag naar meer variatie in het assortiment, is er steeds meer vraag naar flexibele robots. Ongeacht klantvragen, werken we ook aan het ontwikkelen van intelligentere robots. Denk aan palletizers met 3D-visiontechnologie en Kunstmatige intelligentie.”

_________________________

Kennis uitwisselen

Bij robotica komen veel onderdelen van verschillende wetenschappen samen, zowel van de informatica als van elektrotechniek en werktuigbouwkunde. In het nieuwe Experience Center in Nieuwegein brengt ABB die disciplines samen. Installateurs van onder meer machines voor metaalbewerking en hun klanten kunnen hier zien en ervaren wat connectiviteit, Industrie 4.0 en IoT in de praktijk betekent. Martin van der Have, salesmanager Robotics bij ABB: “Door geavanceerde grijpertechnologie, integratie van sensortechnologie en 3D-visiontechnologie kan er steeds meer. Een robotarm kan nu tomaten plukken zonder ze stuk te knijpen, een robot met zuignappen kan koekjes oppakken van een lopende band zonder ze te kraken. De terugverdientijd voor koekjesfabriek Montfort die deze robot met zuignappen inzet, zit hem in het feit dat er minder breuk optreedt. Bij handmatig pakken was dat toch nog 10%, de nieuwe robot veroorzaakt slechts 2% breuk. Het is repetitief, saai, lopendebandwerk; zeer geschikt voor robotisering dus.”   

_________________________

De praktijk: Exellent Food & Snacks

Een belangrijke klant van Smart Robotics, en één van het eerste uur, is Exellent Food & Snacks uit Oudkarspel. Zij ontwikkelen en produceren ragoutsnacks voor retail, horeca en groothandel. Naast huismerken, private labels en seizoenspecials produceren zij eigen merken als de Cas Spijkers en de Amsterdamse kroket. Een jaar geleden besloot Exellent een robot te leasen. Directeur Vincent Jongens: “Wij willen automatiseren waar het kan, dus ook bij de inpaklijn. Maar als ik een machinebouwer opdracht geef een robot te bouwen, zijn daar grote investeringen mee gemoeid, terwijl het eindresultaat onbekend is. Toen ik in het Financieel Dagblad las over de mogelijkheden van het leasen van een robot, leek mij dat een goed alternatief.”
De robotarm van Smart Robotics staat aan het eind van de inpaklijn, waar doosjes met diepvrieskroketten van de band aflopen voor de retail. “Vroeger stond hier een jongen de hele dag doosjes op een pallet te stapelen. Daarnaast hield hij de lijn in de gaten, of alles soepel verliep. De robot heeft het stapelen overgenomen. Dit ontlast deze werknemer enorm. Hij kan zich helemaal focussen op de machines, zorgt ervoor dat alles vlekkeloos verloopt. Je hoort weleens zeggen: ‘nu hebben we robots, dus geen personeel meer nodig’. Dat vind ik kul; ook een robot maakt af en toe fouten of laat wat vallen. Dan moet er een medewerker zijn die de boel in de gaten houdt, en zo nodig de robot herstart. Deze jongen is alleen maar blij.”

Na een jaar besloot Vincent Jongens de robot te kopen en zelfs een tweede aan te schaffen. “Het is een robot in de meest eenvoudige versie. Zouden de handelingen die hij moet uitvoeren meer techniek vragen, dan zouden we wel blijven huren om up to date te blijven. In het productieproces zelf hebben we geen robots nodig. Nog niet. Een groot deel van het proces is al geautomatiseerd. Dat wat nu handmatig wordt gedaan, kan een robot niet sneller. Wij maken namelijk ook verse kroketten, voor de horeca. Die zijn zacht en breekbaar. Ik heb er ooit een robot voor gekocht, maar die staat nu in mijn schuurtje. Hij kon het wel, maar met de hand gaat het 3 keer sneller. Ik weet zeker dat er snellere robots gaan komen. De vraag is alleen of de kosten daarvan opwegen tegen het resultaat.”

Talenten ontwikkelen

Natuurlijk verdwijnen er banen door automatisering, maar er komen ook nieuwe beroepen en taken voor in de plaats. Denk aan app-bouwers, data-analisten, dronebestuurders, robotontwikkelaars en virtual reality-designers. En aan technische beroepen rondom het slimmer omgaan met energie, of aan werk voor bezorgers van online boodschappendiensten. Door digitalisering en robotisering veranderen dus de benodigde vaardigheden van werkenden. Hoe moeten medewerkers omgaan met die ontwikkeling? “Robotica kan het werk verrijken, maar dan moeten bedrijven hun mensen wel helpen om zich actief op de toekomst voor te bereiden”, vindt Ben Prins, die vanuit zijn expertise gastcolleges geeft over Smart Industry bij diverse opleidingen (o.a. Saxion University of Applied Sciences, Windesheim, Wittenberg University of Applied Sciences) en workshops bij banken als ING en Rabobank. “Het succesvol implementeren van het Smart Industry-concept hangt in grote mate af van de acceptatie door het managent, maar ook het personeel. Voer gesprekken met medewerkers om ze bewust te maken van de veranderende omgeving. Maak ze enthousiast om zich in de materie te verdiepen. Ik ben een groot voorstander van ‘long life learning’. Leren houdt nooit op!”

Kansen digitalisering

De vraag naar technische mensen zal met al die robots en automatisering op de werkvloer zeker groeien. Ondernemersorganisatie voor bedrijven in de technologie FME maakt zich daarover al een tijd zorgen: zijn er straks wel genoeg technici? Directeur Ineke Dézentjé: “Veel bedrijven in de technologische industrie hebben dringend goed opgeleide vakkrachten nodig. Meer jongeren in het mbo moeten een technische opleiding gaan volgen, anders stijgt het tekort aan technici elk jaar met nog eens 20.000. Het is goed dat het nieuwe kabinet heeft aangekondigd om te investeren in toekomstgericht onderwijs, zoals de 100 miljoen ter versterking van het techniekonderwijs, maar er is meer nodig: investeren in het middelbaar beroepsonderwijs, een toekomstgericht curriculum, een hogere instroom bij technische vakken en een leven lang ontwikkelen.”
In hun eerste reactie op het regeerakkoord liet de organisatie weten: ‘De komende jaren biedt de integratie van ICT in de productie veel kansen. Nederland loopt voorop en het is van belang om die positie vast te houden door te blijven vernieuwen. Met Smart Industry is binnen vier jaar een extra economische groei van 1% mogelijk. Naast de structurele 95 miljoen voor cybersecurity uit het regeerakkoord, is financiering voor Smart Industry  cruciaal (…) Wat nodig is, is het nemen van digitaal leiderschap.’

this article is also available in english

Bronvermeldingen: schema ©Panchenko Vladimir/Shutterstock.com / robot ©Zapp2Photo/Shutterstock.com
Door content bladeren